Leven met epilepsie bij de hond20 January 2016
Oorzaken

Grofweg kunnen we epilepsie in twee soorten indelen: Primaire (of idiopatische) epilepsie en secundaire (of symptomatische) epilepsie.

Primaire epilepsie

De meeste honden waarbij epilepsie wordt gediagnosticeerd, lijden aan primaire epilepsie. Er is bij deze honden geen oorzaak van de aandoening te vinden.

Over het algemeen zijn honden met primaire epilepsie verder gezond en daarom moeilijk te herkennen. De enige manier om erachter te komen dat deze honden epilepsie hebben, is aan de hand van informatie van de eigenaar of de hond daadwerkelijk een aanval heeft meegemaakt.

Helaas is er nog geen specifieke test beschikbaar waarmee primaire epilepsie is aan te tonen. Voordat de dierenarts de diagnose primaire epilepsie kan stellen, zal er een aantal onderzoeken moeten worden uitgevoerd om secundaire epilepsie uit te sluiten (zie ‘Diagnose en overleg met uw dierenarts').

Primaire epilepsie kan bij iedere hond voorkomen, toch is er een aantal rassen waarbij deze aandoening het meest wordt gezien:


Secundaire epilepsie

Als er een oorzaak voor de aanvallen kan worden gevonden, dan spreekt men van secundaire epilepsie. Bij een bezoek aan uw dierenarts zullen enkele testen worden uitgevoerd om de onderliggende oorzaak vast te stellen. Enkele van deze oorzaken zijn:

  • Hoofdtrauma
  • Hersentumoren
  • Lever- of nierproblemen
  • Infecties
  • Opname van gifstoffen (b.v. insecticiden)
  • Lage bloedsuikerspiegel

Hoe vaak komt epilepsie voor?

Epilepsie is een relatief veel voorkomende aandoening bij honden. Bij 1 op de 20 honden wordt epilepsie gediagnosticeerd. Hoewel primaire epilepsie bij iedere hond kan voorkomen, zien we het toch vaker bij rashonden. De meeste honden krijgen hun eerste aanval tussen een leeftijd van 1 en 5 jaar.